Sparen of hypotheek aflossen: wat levert netto meer op?

Redactie Spaarvergelijker · Uitleg · Bijgewerkt op · 5 min lezen

Uitleg37,56%maximalehypotheekrenteaftrek in2026

In het kort

  • Vergelijk netto met netto: spaarrente na box 3 tegenover hypotheekrente na hypotheekrenteaftrek.
  • De hypotheekrenteaftrek is in 2026 maximaal 37,56%. Een hypotheekrente van 4,00% kost netto dan 2,50%.
  • Boven het heffingsvrij vermogen van € 59.357 kost box 3 op spaargeld in 2026 0,46 procentpunt (1,28% × 36%). Van 2,60% spaarrente blijft dan 2,14% over.
  • Vaak mag je per jaar 10% van je oorspronkelijke hypotheek boetevrij aflossen, maar dat verschilt per bank en hypotheekvorm.
  • Afgelost geld krijg je niet zomaar terug. Een buffer houden gaat volgens het Nibud voor extra aflossen.

Of sparen of aflossen meer oplevert, hangt af van twee netto rentes: je spaarrente na box 3 en je hypotheekrente na hypotheekrenteaftrek. Is de netto hypotheekrente hoger dan de netto spaarrente, dan levert aflossen financieel meer op. Bij een hypotheekrente rond de 4% en spaargeld boven het heffingsvrij vermogen is dat in 2026 vaak het geval. Bij een lage hypotheekrente van rond de 2 à 3% wint sparen meestal.

Maar rente is niet het hele verhaal. Spaargeld kun je morgen opnemen, afgelost geld zit in je huis. Dit artikel rekent het verschil door en laat zien waar de afwegingen zitten. Het is geen persoonlijk advies.

Kant 1: wat kost je hypotheek netto?

Hypotheekrente op een lening voor je eigen woning is aftrekbaar in box 1. In 2026 is die aftrek volgens de Belastingdienst beperkt tot maximaal 37,56%, het tarief van de tweede schijf. Valt je inkomen in de eerste schijf (tot en met € 38.883), dan is je aftrek 35,75%. Bij een inkomen boven € 78.426 blijft de aftrek 37,56%, ook al betaal je zelf 49,50% over dat deel van je inkomen.

Hypotheekrente (bruto)Netto bij 37,56% aftrekNetto bij 35,75% aftrek
3,00%1,87%1,93%
3,50%2,19%2,25%
4,00%2,50%2,57%
4,50%2,81%2,89%
Netto hypotheekrente in 2026 bij aftrek tegen 37,56% en 35,75%

Dit geldt alleen voor leningdelen waarvoor je recht op aftrek hebt. Voor leningen vanaf 1 januari 2013 moet je daarvoor minimaal annuïtair of lineair aflossen in 30 jaar. Een leningdeel zonder aftrek, bijvoorbeeld een deel voor een verbouwing dat niet aan de eisen voldoet, kost je de volle bruto rente. Dat deel aflossen levert relatief het meest op.

Kant 2: wat levert je spaargeld netto op?

Spaargeld valt in box 3. Over 2026 rekent de Belastingdienst met een voorlopig forfaitair rendement van 1,28% op banktegoeden en een tarief van 36%, boven een heffingsvrij vermogen van € 59.357 per persoon (fiscale partners samen het dubbele). Per euro spaargeld boven die grens kost dat 1,28% × 36% = 0,46% per jaar, ongeacht welke rente je echt krijgt.

Bij een spaarrente van 2,60%, de variabele rente van Scalable Overnight per 1 oktober 2026, blijft netto 2,14% over. Blijft je vermogen onder het heffingsvrij vermogen, dan is de netto spaarrente gelijk aan de bruto rente. Meer over de berekening in box 3 in 2026.

Rekenvoorbeeld: € 20.000 sparen of aflossen

Stel: je hebt € 20.000 vrij spaargeld naast je buffer en een hypotheekdeel met recht op aftrek tegen 4,00%. Je inkomen valt in de tweede schijf, dus de aftrek is 37,56%. Je totale vermogen in box 3 ligt boven het heffingsvrij vermogen. De rentes zijn als voorbeeld gekozen.

Optie A: € 20.000 sparen tegen 2,60% (variabel)

Rente per jaar
€ 520,00
Box 3: € 20.000 × 1,28% × 36%
- € 92,16
Netto opbrengst per jaar
€ 427,84

Optie B: € 20.000 extra aflossen op een hypotheek tegen 4,00%

Bespaarde hypotheekrente
€ 800,00
Minder hypotheekrenteaftrek: € 800 × 37,56%
- € 300,48
Netto voordeel per jaar
€ 499,52

In dit voorbeeld levert aflossen € 71,68 per jaar meer op. Zit je onder het heffingsvrij vermogen, dan valt de box 3-heffing weg en levert sparen € 520 op. Dan wint sparen met € 20,48 per jaar, en houd je je geld beschikbaar. Bij een hypotheekrente van 3,00% kost de hypotheek netto 1,87% en wint sparen in beide gevallen.

HypotheekrenteNetto aflossenNetto sparen onder heffingsvrij vermogenNetto sparen erboven
3,00%1,87%2,60%2,14%
3,50%2,19%2,60%2,14%
4,00%2,50%2,60%2,14%
4,50%2,81%2,60%2,14%
Netto vergeleken: sparen tegen 2,60% tegenover aflossen (aftrek 37,56%)

Het kantelpunt ligt bij deze aannames rond een hypotheekrente van 3,4% als je boven het heffingsvrij vermogen zit, en rond 4,2% als je eronder zit. Let op: de spaarrente is variabel, de hypotheekrente staat meestal jaren vast. Daalt de spaarrente, dan schuift het kantelpunt omlaag. Met de rente-calculator reken je je eigen spaarkant door.

Hoeveel mag je boetevrij aflossen?

Vaak mag je per jaar 10% van het oorspronkelijke leenbedrag zonder vergoeding extra aflossen. ABN AMRO noemt dit de jaarlijkse vrijstelling of vergoedingsvrije ruimte en zegt dat die 'meestal 10%' is. Los je meer af tijdens je rentevaste periode, dan kan de bank een vergoeding vragen, vroeger boeterente genoemd.

Banken en hypotheekvormen verschillen hierin. ABN AMRO rekent bijvoorbeeld sinds 1 december 2025 geen vergoeding meer bij extra aflossen op een Beleggingshypotheek, Leven Hypotheek of Aflossingsvrije Hypotheek, zolang je met eigen geld aflost. Kijk in je eigen hypotheekvoorwaarden of je online omgeving hoeveel ruimte je hebt.

De afwegingen buiten de rente

  • Liquiditeit. Afgelost geld krijg je alleen terug door opnieuw te lenen. Dat kan alleen als de bank je opnieuw goedkeurt, en tegen de rente van dat moment.
  • Buffer eerst. Het Nibud rekent extra aflossen niet tot de buffer en ziet het als apart spaardoel. Zie hoeveel spaargeld als buffer.
  • Lagere maandlast of kortere looptijd. Na extra aflossen daalt meestal je maandbedrag. Sommige banken laten je kiezen voor een kortere looptijd.
  • Overgangsrecht. Wie een hypotheek van vóór 2013 heeft, kan bij aflossen en opnieuw lenen het oude fiscale regime verliezen. ABN AMRO noemt dit expliciet als nadeel.
  • Wet Hillen. Is je hypotheekrente lager dan het eigenwoningforfait, dan krijg je in 2026 nog een aftrek van 71,867% van het verschil. Bij een bijna afgeloste hypotheek verandert de rekensom daardoor.
  • Rentezekerheid. Je hypotheekrente staat vast, je spaarrente niet. Het voordeel van aflossen is daarmee zekerder dan het voordeel van sparen.
  • Lagere risico-opslag. Een lagere hypotheek valt mogelijk in een lagere tariefklasse ten opzichte van de woningwaarde, wat bij de volgende renteherziening een lagere rente kan geven.

Wie het overzicht wil maken voor de eigen situatie, kan het Nibud Geldplan Sparen, aflossen of beleggen gebruiken. Voor een persoonlijk advies over je hypotheek ben je aangewezen op een onafhankelijk hypotheekadviseur.

Een tussenweg: eerst sparen, later aflossen

Sparen en aflossen sluiten elkaar niet uit. Je kunt eerst sparen op een vrij opneembare rekening en eens per jaar, binnen je boetevrije ruimte, een deel aflossen. Zo houd je het geld beschikbaar tot je zeker weet dat je het kunt missen.

Wie geld juist een paar jaar vast wil zetten tegen een vaste rente, kan ook kijken naar een deposito. Bij ASN Bank geeft een 5-jaarsdeposito 2,85% per 16 september 2026. Netto na box 3 is dat 2,39%, nog altijd lager dan een hypotheekrente van 4,00% na aftrek. Zie deposito of vrij opneembaar.

Conclusie: vergelijk netto met netto. Met de 37,56% aftrek en het box 3-tarief van 2026 wint aflossen financieel vooral bij een hypotheekrente boven ruwweg 3,4% en spaargeld boven het heffingsvrij vermogen. Bij een lage hypotheekrente of weinig spaargeld wint sparen, en houd je bovendien je geld beschikbaar. Zorg in alle gevallen eerst voor een buffer, en kijk in je eigen voorwaarden hoeveel je boetevrij mag aflossen.

Vergelijk de spaarrente die je tegenover je hypotheekrente zetBekijk vrij opneembaar naast elkaar, met de opbrengst in euro's

Bronnen

Dit artikel is informatief en geen persoonlijk financieel advies. Rentes zijn variabel tenzij anders vermeld en kunnen na publicatie zijn gewijzigd; controleer altijd de actuele voorwaarden bij de aanbieder.

Veelgestelde vragen

Is het slim om extra af te lossen op je hypotheek?

Dat hangt af van je netto hypotheekrente na aftrek, je netto spaarrente na box 3 en hoeveel buffer je hebt. Bij 4,00% hypotheekrente en spaargeld boven het heffingsvrij vermogen levert aflossen vaak meer op; bij een lage hypotheekrente wint sparen. Dit is geen persoonlijk advies.

Hoeveel hypotheekrenteaftrek krijg je in 2026?

In 2026 is de hypotheekrenteaftrek maximaal 37,56%. Valt je inkomen in de eerste schijf (tot en met € 38.883), dan is de aftrek 35,75%.

Hoeveel mag je per jaar boetevrij aflossen?

Vaak 10% van het oorspronkelijke leenbedrag per jaar, maar dat verschilt per bank en hypotheekvorm. Je eigen hypotheekvoorwaarden zijn leidend.

Betaal je box 3 over je hypotheek?

Nee. Een hypotheek voor je eigen woning valt in box 1. Spaargeld valt in box 3. Wie spaargeld gebruikt om af te lossen, heeft daardoor minder vermogen in box 3.

Kan ik afgelost geld later weer opnemen?

Niet zomaar. Je moet opnieuw lenen, de bank moet je opnieuw goedkeuren en je betaalt de rente van dat moment. Daarom houden veel mensen eerst een buffer aan voordat ze extra aflossen.