Rente op rente: hoeveel levert je spaargeld echt op?

Redactie Spaarvergelijker · Uitleg · Bijgewerkt op · 5 min lezen

Uitleg€18.061€10.000 tegen 3% natwintig jaar

In het kort

  • Bij rente op rente krijg je ook rente over eerder bijgeschreven rente. €10.000 tegen 3% wordt in 20 jaar €18.061, tegen €16.000 zonder rente op rente.
  • Het verschil tussen 1% en 3% is over 20 jaar bijna €5.900 op €10.000.
  • Met €10.000 start en €200 per maand groeit je spaargeld in 20 jaar tegen 3% naar ongeveer €83.868, waarvan bijna €25.900 rente.
  • Maandelijkse uitbetaling maakt van 3% effectief 3,04% per jaar. Het effect is klein vergeleken met een hogere rente.
  • Regel van 72: deel 72 door de rente en je weet hoeveel jaar het duurt tot je geld verdubbelt. Bij 3% is dat ongeveer 24 jaar.

Rente op rente betekent dat de rente die je ontvangt bij je saldo komt en daarna zelf ook rente oplevert. Hoeveel dat scheelt, hangt vooral af van twee dingen: de hoogte van de rente en de tijd. Op €10.000 tegen 3% levert het na 20 jaar €2.061 extra op vergeleken met alleen rente over je inleg. Bij 1% is het effect over dezelfde periode ongeveer €200.

Hieronder staan de bedragen bij verschillende rentes en looptijden, met en zonder maandelijkse inleg. Alle cijfers zijn nominaal, voor belasting en inflatie. Daar komen we aan het eind op terug.

Hoe rente op rente werkt

Stel dat je €10.000 op een spaarrekening zet tegen 3% en de rente één keer per jaar wordt bijgeschreven. Na het eerste jaar krijg je €300. In het tweede jaar krijg je 3% over €10.300, dat is €309. In het derde jaar 3% over €10.609, dat is €318,27. Elk jaar is de rente iets hoger dan het jaar ervoor, zonder dat je iets doet.

Rekenvoorbeeld: €10.000 tegen 3%, rente jaarlijks bijgeschreven

Rente jaar 1: €10.000 × 3%
€300,00
Rente jaar 2: €10.300 × 3%
€309,00
Rente jaar 3: €10.609 × 3%
€318,27
Rente jaar 10
€391,43
Rente jaar 20
€526,05
Saldo na 20 jaar
€18.061

Zonder rente op rente, als je de rente elk jaar zou opnemen, krijg je 20 keer €300. Dat is €6.000 rente, en je eindigt met €16.000 (plus de €6.000 die je onderweg hebt opgenomen en uitgegeven). Met rente op rente is het €8.061 rente. Het verschil van €2.061 is de rente over de rente.

De formule is: eindbedrag = startbedrag × (1 + rente)^jaren. Voor €10.000 tegen 3% over 20 jaar: €10.000 × 1,03^20 = €18.061.

€10.000 tegen 1%, 2% en 3%

De tabel laat zien wat een eenmalige inleg van €10.000 oplevert bij jaarlijkse rentebijschrijving. Ter vergelijking: de gemiddelde rente op een Nederlandse spaarrekening was in augustus 2026 1,26% volgens de rentestatistiek van de ECB. Actuele rentes per aanbieder vind je in de vergelijking.

RenteNa 5 jaarNa 10 jaarNa 20 jaar
1%€10.510€11.046€12.202
2%€11.041€12.190€14.859
3%€11.593€13.439€18.061
€10.000 eenmalig, rente jaarlijks bijgeschreven

Na vijf jaar is het verschil tussen 1% en 3% nog €1.083. Na twintig jaar is het €5.859. Dat komt doordat het rentevoordeel zelf ook weer rente oplevert. Een paar tienden procent verschil in rente lijkt per jaar weinig, maar over een lange periode telt het op.

Met €200 per maand erbij

De meeste mensen sparen niet eenmalig, maar zetten elke maand iets opzij. In deze tabel begin je met €10.000 en stort je aan het eind van elke maand €200. De rente wordt maandelijks bijgeschreven. Zo rekent ook de rentecalculator.

RenteNa 5 jaarNa 10 jaarNa 20 jaar
0% (alleen inleg)€22.000€34.000€58.000
1%€22.812€36.281€65.325
2%€23.660€38.756€73.873
3%€24.546€41.442€83.868
€10.000 start plus €200 per maand, rente maandelijks bijgeschreven

Na 20 jaar heb je zelf €58.000 ingelegd. Tegen 1% komt daar €7.325 rente bij, tegen 3% €25.868. Het verschil tussen die twee is ruim €18.500, puur doordat dezelfde inleg tegen een hogere rente staat.

Begin je zonder startbedrag en spaar je alleen €200 per maand, dan heb je na 20 jaar €53.112 tegen 1%, €58.959 tegen 2% en €65.660 tegen 3%. Je eigen inleg is in alle gevallen €48.000.

Maandelijks of jaarlijks rente: wat scheelt het?

Hoe vaker de rente wordt bijgeschreven, hoe eerder die rente zelf rente gaat opleveren. Een rente van 3% per jaar die maandelijks wordt uitbetaald (3% / 12 per maand), komt effectief neer op 3,04% per jaar. Bij 2% is het effectief 2,02%. Dagelijks of wekelijks bijschrijven geeft bij 3% effectief 3,05%: nauwelijks meer dan maandelijks.

Rente en looptijdJaarlijksMaandelijksVerschil
2%, 10 jaar€12.190€12.212€22
2%, 20 jaar€14.859€14.913€54
3%, 10 jaar€13.439€13.494€54
3%, 20 jaar€18.061€18.208€146
€10.000, jaarlijks versus maandelijks bijgeschreven

Het verschil is echt, maar klein. Over 20 jaar levert maandelijkse uitbetaling bij 3% €146 extra op €10.000 op. Kies je daarentegen een rekening met 3% in plaats van 2,5%, dan scheelt dat in het eerste jaar al €50 en over 20 jaar bijna €1.700. De hoogte van de rente weegt dus veel zwaarder dan de frequentie.

Bij een deposito wordt de rente soms pas aan het eind van de looptijd uitbetaald. Dan is er tijdens de looptijd geen rente op rente, tenzij de bank de rente tussentijds bij de inleg optelt. Bij een looptijd van meerdere jaren is het daarom zinvol om te kijken of de rente jaarlijks wordt bijgeschreven of pas aan het eind. Zie deposito of vrij opneembaar.

De regel van 72

Met de regel van 72 schat je snel hoe lang het duurt voordat je geld verdubbelt: deel 72 door het rentepercentage. Bij 3% is dat 72 / 3 = 24 jaar. De precieze uitkomst is 23,4 jaar. Bij lage rentes overschat de regel iets.

RenteRegel van 72Exact
1%72 jaar69,7 jaar
1,26% (gem. spaarrente NL, aug. 2026)57,1 jaar55,4 jaar
2%36 jaar35,0 jaar
2,5%28,8 jaar28,1 jaar
3%24 jaar23,4 jaar
4%18 jaar17,7 jaar
Verdubbelingstijd: regel van 72 versus exact

De regel werkt ook omgekeerd voor inflatie. Bij 3,3% inflatie, het CBS-cijfer voor augustus 2026, halveert de koopkracht van geld dat niets oplevert in ongeveer 72 / 3,3 ≈ 22 jaar.

Inflatie en belasting: wat er echt overblijft

Alle bedragen hierboven zijn nominaal. In de praktijk gaan er twee dingen af. Ten eerste inflatie: die was volgens het CBS 3,3% in augustus 2026. Een rente onder de inflatie betekent dat je saldo groeit, maar je koopkracht daalt. Zie spaarrente en inflatie.

Ten tweede box 3. Boven het heffingsvrij vermogen van €59.357 per persoon (2026) betaal je belasting over een fictief rendement, los van je echte rente. Bij een groot vermogen remt dat het rente-op-rente-effect af. Hoe dat uitpakt, staat in box 3 en spaargeld.

Rekenvoorbeeld: €10.000 + €200 per maand, 3%, 20 jaar, in koopkracht

Nominaal eindsaldo
€83.868
In euro's van nu bij 2% inflatie per jaar
€56.441
In euro's van nu bij 3,3% inflatie per jaar
€43.812
Totale eigen inleg (nominaal)
€58.000

Het rekenvoorbeeld laat zien dat de koopkracht van het eindbedrag sterk afhangt van de inflatie over die twintig jaar. Niemand weet hoe hoog die wordt. De ECB streeft naar 2% op middellange termijn, maar verwacht voor 2026 en 2027 hogere cijfers.

Conclusie

Rente op rente is geen trucje, maar een rekenkundig gevolg van de rente laten staan. Het effect wordt pas groot bij een hogere rente en een lange looptijd. Over vijf jaar is het verschil tussen 1% en 3% op €10.000 ongeveer €1.100, over twintig jaar bijna €5.900.

De frequentie van uitbetalen is een detail: maandelijks levert bij 3% effectief 0,04 procentpunt meer op. De hoogte van de rente en hoe lang je die vasthoudt, wegen veel zwaarder. En reken altijd ook in koopkracht: bij de huidige inflatie houdt een gemiddelde spaarrente de prijsstijgingen niet bij.

Vergelijk vrij opneembare spaarrekeningen en kijk welke rente je nu kunt krijgen.Bekijk vrij opneembaar naast elkaar, met de opbrengst in euro's

Wil je zelf rekenen met je eigen bedrag, maandelijkse inleg en inflatie? Gebruik dan de rentecalculator. Voor de actuele hoogste rentes, zie hoogste spaarrente.

Bronnen

Dit artikel is informatief en geen persoonlijk financieel advies. Rentes zijn variabel tenzij anders vermeld en kunnen na publicatie zijn gewijzigd; controleer altijd de actuele voorwaarden bij de aanbieder.

Veelgestelde vragen

Wat is rente op rente?

Rente op rente betekent dat de rente die je krijgt bij je saldo wordt opgeteld en daarna zelf ook rente oplevert. €10.000 tegen 3% groeit zo in 20 jaar naar €18.061 in plaats van €16.000.

Hoeveel is €10.000 na 10 jaar met rente op rente?

Bij jaarlijkse rentebijschrijving is €10.000 na 10 jaar €11.046 tegen 1%, €12.190 tegen 2% en €13.439 tegen 3%. Bij maandelijkse bijschrijving is het iets meer, bijvoorbeeld €13.494 tegen 3%. Dat is voor belasting en inflatie.

Is maandelijks rente beter dan jaarlijks?

Ja, maar het verschil is klein. Een rente van 3% die maandelijks wordt bijgeschreven, komt effectief neer op 3,04% per jaar. Over 20 jaar scheelt dat €146 op €10.000. Een hogere rente maakt veel meer verschil.

Wat is de regel van 72?

Deel 72 door het rentepercentage om te schatten in hoeveel jaar je geld verdubbelt. Bij 3% is dat ongeveer 24 jaar (exact 23,4), bij 2% ongeveer 36 jaar (exact 35,0).