De ECB verhoogde op 10 september 2026 de rente: de depositorente is 2,50% per 16 september 2026. Het was de tweede verhoging dit jaar, na juni.
De gemiddelde spaarrente bij Nederlandse banken was in augustus 2026 1,26%, ruim een procentpunt onder de depositorente.
Tussen mei en augustus 2026 steeg de depositorente met 0,25 procentpunt; de gemiddelde spaarrente met 0,02 procentpunt.
Geldmarktfondsen volgen de ECB-rente het nauwst. De kortetermijnrente €STR stond op 30 september 2026 op 2,437%.
Het volgende rentebesluit van de ECB is op 29 oktober 2026.
De ECB-rente bepaalt hoeveel banken krijgen voor geld dat ze bij de centrale bank parkeren, en daarmee indirect wat ze spaarders kunnen betalen. Maar banken geven een stijging maar gedeeltelijk en met vertraging door. Sinds 16 september 2026 krijgen banken 2,50% over hun overtollige geld bij de ECB, terwijl de gemiddelde Nederlandse spaarrekening in augustus 2026 1,26% opleverde. Dat verschil is geen toeval: het is het verdienmodel.
De drie ECB-rentes
De ECB heeft drie officiële rentes. Voor spaarders is de depositorente (deposit facility rate) de belangrijkste. Dat is de rente die banken krijgen als ze geld een nacht bij het Eurosysteem stallen. Omdat er veel geld in het systeem zit, is dit in de praktijk de rente die de geldmarkt stuurt.
Officiële ECB-rentes per 16 september 2026 (bron: ECB)
Op 10 september 2026 besloot de ECB alle drie de rentes met 0,25 procentpunt te verhogen, met ingang van 16 september. Op 11 juni 2026 deed de ECB hetzelfde, met ingang van 17 juni. Daarvoor stond de depositorente een jaar lang op 2,00%. Het waren de eerste verhogingen sinds september 2023, toen de depositorente op een piek van 4,00% kwam.
Als reden noemt de ECB het conflict in het Midden-Oosten, dat de inflatie opdrijft. De ECB verwacht dat de inflatie in de eurozone ‘voor langere tijd’ ruim boven de doelstelling van 2% blijft: gemiddeld 3,0% in 2026 en 2,5% in 2027. De ECB zegt zich niet vast te leggen op een bepaald rentepad. Het volgende besluit valt op 29 oktober 2026, daarna op 17 december 2026.
Hoe de ECB-rente in je spaarrente terechtkomt
De keten werkt zo. Een bank die meer spaargeld binnenkrijgt dan ze uitleent, kan dat overschot bij de ECB stallen tegen de depositorente. Of ze kan het op de geldmarkt uitlenen aan andere banken, tegen ongeveer dezelfde rente. De depositorente is dus wat een extra euro spaargeld een bank minimaal oplevert.
Het verschil tussen die rente en wat de bank jou betaalt, is de marge. Een bank die 2,50% krijgt en jou 1,25% betaalt, verdient op elke €100.000 aan spaargeld ongeveer €1.250 per jaar, voor kosten. Daarom is een rentestijging voor banken in eerste instantie aantrekkelijk: de opbrengst gaat direct omhoog, de kosten niet.
Rekenvoorbeeld: de marge van een bank op €100.000 spaargeld
Opbrengst bij de ECB: €100.000 × 2,50%
€2.500
Rente aan de spaarder: €100.000 × 1,26%
−€1.260
Marge voor de bank per jaar (voor kosten)
€1.240
Waarom banken achterlopen
De ECB houdt per maand bij welke rente Nederlandse banken gemiddeld betalen. Leg je dat naast de depositorente, dan zie je hoe traag spaarrentes reageren en hoe ver ze achterblijven.
ECB-depositorenteGemiddelde spaarrente in Nederland
Bron: ECB (officiële rentes en MIR-statistiek voor Nederland). De spaarrente is het gemiddelde over bestaande spaartegoeden van huishoudens.
Maand
ECB-depositorente
Gem. spaarrente NL
Verschil
Januari 2022
−0,50%
−0,06%
+0,44
Oktober 2022
0,75%
0,03%
−0,72
Januari 2023
2,00%
0,24%
−1,76
Oktober 2023
4,00%
1,54%
−2,46
Juli 2024
3,75%
1,58%
−2,17
Januari 2025
3,00%
1,55%
−1,45
Juli 2025
2,00%
1,26%
−0,74
Januari 2026
2,00%
1,24%
−0,76
Augustus 2026
2,25%
1,26%
−0,99
ECB-depositorente en gemiddelde rente op Nederlandse spaartegoeden (bron: ECB)
Drie patronen vallen op. In 2022 en 2023 stegen de spaarrentes veel later en minder hard dan de ECB-rente: in oktober 2023 lag het verschil op bijna 2,5 procentpunt. Toen de ECB vanaf juni 2024 ging verlagen, zakte de spaarrente pas met vertraging. En in 2026 reageren banken nauwelijks op de nieuwe verhogingen: in augustus was de gemiddelde rente vrijwel gelijk aan die van januari.
De Nederlandsche Bank onderzocht dit in 2023. Acht maanden na de start van de renteverhogingen was volgens DNB pas ongeveer 15% van de stijging doorgegeven aan spaarders, tegen bijna 65% bij nieuwe hypotheekrentes. De verklaring zit in de balans van een bank:
Spaarrentes zijn variabel, hypotheken grotendeels vast. Een hogere spaarrente kost een bank direct op al het spaargeld, terwijl een hogere hypotheekrente alleen geldt voor nieuwe leningen en aflopende rentevaste periodes. Om de marge te beschermen, verhogen banken de leenrente sneller dan de spaarrente. DNB spreekt van het depositokanaal van monetair beleid.
Weinig concurrentiedruk. Zolang weinig spaarders overstappen, hoeft een bank haar rente niet te verhogen om het geld vast te houden.
Behoefte aan geld. Een bank die meer spaargeld heeft dan ze kan uitlenen, heeft weinig reden om extra te betalen. Een bank die wil groeien, wel.
Nieuwe en online aanbieders die klanten willen winnen, bieden daarom vaak meer. Om dezelfde reden vind je de hoogste rentes zelden bij de grootbanken.
Welke producten de ECB-rente wel volgen
Niet elk product reageert even traag. Hoe dichter een product bij de geldmarkt zit, hoe sneller de rente meebeweegt, maar ook hoe minder bescherming je vaak hebt.
Product
Volgt de ECB-rente
Bescherming
Geldmarktfonds
Vrijwel direct, via €STR min kosten
Geen depositogarantie; belegging
Rente op cash bij een broker
Vaak snel, maar verschilt per aanbieder
Hangt af van waar het geld staat
Spaarrekening bij nieuwe of online bank
Met enkele weken tot maanden vertraging
Depositogarantie tot €100.000 per bank
Spaarrekening bij een grootbank
Traag en gedeeltelijk
Depositogarantie tot €100.000 per bank
Deposito
Prijst verwachte rentes in; vast tijdens looptijd
Depositogarantie tot €100.000 per bank
Hoe snel volgt de rente de ECB?
Geldmarktfondsen
Een geldmarktfonds belegt in zeer kortlopende leningen aan overheden en banken. Het rendement volgt de €STR, de rente waartegen banken in de eurozone elkaar voor een nacht geld lenen. De €STR ligt net onder de depositorente: op 30 september 2026 was die 2,437%. Na fondskosten houd je iets minder over. Een geldmarktfonds valt niet onder de depositogarantie en telt in box 3 als belegging. Zie geldmarktfonds of spaarrekening en de geldmarktopties.
Cash bij een broker
Brokers als Trade Republic en Scalable Capital betalen rente op niet-belegd geld. Die rente beweegt doorgaans sneller mee met de markt dan bij een traditionele bank, maar de voorwaarden verschillen. Scalable meldt bijvoorbeeld dat het geld zonder PRIME+-abonnement ook in geldmarktfondsen kan staan, wat de bescherming verandert. Lees per aanbieder waar je geld staat: Trade Republic en Scalable Overnight.
Deposito's
Een deposito reageert anders. De bank prijst bij het vaststellen van de rente in wat de markt verwacht over de komende looptijd. Verwacht de markt verdere verhogingen, dan is een deposito vaak al hoger geprijsd; verwacht de markt dalingen, dan juist lager. Tijdens de looptijd verandert je rente niet, ook niet als de ECB ingrijpt. Meer daarover in deposito of vrij opneembaar.
Wat betekent de volgende ECB-stap voor jou?
Verhoogt de ECB op 29 oktober opnieuw, dan stijgen geldmarktfondsen binnen enkele dagen mee. Bij spaarrekeningen is dat niet gegarandeerd, zoals de cijfers van 2026 laten zien. Houdt de ECB de rente gelijk, dan kan het verschil tussen depositorente en spaarrente nog een tijd blijven bestaan.
Conclusie
De ECB-depositorente is per 16 september 2026 2,50%, maar dat betekent niet dat jouw spaarrente meestijgt. De gemiddelde Nederlandse spaarrente bewoog in 2026 nauwelijks, terwijl de ECB twee keer verhoogde. Banken geven rentestijgingen traag en gedeeltelijk door, omdat ze dat kunnen zolang spaarders niet vertrekken.
Wie de ECB-rente zo dicht mogelijk wil volgen, komt uit bij geldmarktfondsen en rente op cash bij brokers, met minder of andere bescherming dan een spaarrekening met depositogarantie. Wie die garantie wil houden, kan het verschil met de gemiddelde rente vooral verkleinen door te vergelijken en zo nodig over te stappen.
Dit artikel is informatief en geen persoonlijk financieel advies. Rentes zijn variabel tenzij anders vermeld en kunnen na publicatie zijn gewijzigd; controleer altijd de actuele voorwaarden bij de aanbieder.
Veelgestelde vragen
Wat is de ECB-rente nu?
Per 16 september 2026 is de depositorente van de ECB 2,50%, de basisherfinancieringsrente 2,65% en de marginale beleningsrente 2,90%. Dat besloot de ECB op 10 september 2026.
Wanneer is het volgende rentebesluit van de ECB?
De volgende monetairbeleidsvergadering eindigt op 29 oktober 2026, gevolgd door een persconferentie. Het laatste besluit van 2026 valt op 17 december.
Waarom stijgt mijn spaarrente niet als de ECB de rente verhoogt?
Banken zijn niet verplicht een verhoging door te geven. Omdat spaarrentes variabel zijn en veel spaarders niet overstappen, verhogen banken hun spaarrente meestal later en minder dan de ECB. DNB berekende in 2023 dat acht maanden na de start van de verhogingen pas ongeveer 15% was doorgegeven.
Welk product volgt de ECB-rente het best?
Een geldmarktfonds volgt de kortetermijnrente €STR vrijwel direct, minus kosten. Daar staat tegenover dat er geen depositogarantie geldt. Rente op cash bij brokers beweegt vaak ook snel mee, maar de voorwaarden en bescherming verschillen per aanbieder.